Ze leeft voor haar kinderen
de juffrouw van boven
Ze krijgen appels voor de dorst
En ze moeten beloven
dat ze niet rennen op de gang
dat ze hun hele leven lang
in zichzelf blijven geloven

En de zon die brandt
Op het gloeiend hete zand
Van het gelukkige eiland
Hij slaapt op een stuk karton
het kind dat ontspoorde
In het duister van de nis
zoekt hij naar woorden
die hij dan op de muren spuit
Maar het maakt niemand iets uit
bij wie hij eens hoorde

En de zon die brandt
Op het gloeiend hete zand
Van het gelukkige eiland

En we gaan straks naar de zee
Ik neem haar snorkel en haar flippers mee
En de vissen vormen traag
Steeds dichterbij een erehaag
En daar zwem ik dan doorheen
Ze zingen een lied voor mij alleen
En later in de ondergaande zon
Doen we yoga op een raar balkon
En in de grote wagen op weg naar huis
Stroomt de koele avond langs mijn oren

Ze leeft voor haar kinderen
de juffrouw van boven
Ze krijgen appels voor de dorst
En ze moeten beloven
dat ze niet rennen op de gang
dat ze hun hele leven lang
in zichzelf blijven geloven

Juffrouw Anneliek in de grote wagen
Luister het hele liedje op Spotify